werkwoordA2
Wat betekent “reizen”?
reizen
Verleden tijd: reisde – reisdenPerfectum: heeft gereisdEngelsto travel
Voorbeeldzinnen
- In de zomer reizen we naar Turkije.In the summer we travel to Turkey.
Uitdrukkingen
- met het openbaar vervoer reizento travel by public transport
Oefen dit woord met een gameEen korte woordquiz met de 15 woorden over Verkeer en reizen.
Start een game