Naar de inhoud
de-woordzelfstandig naamwoordA1

Wat betekent “broer”?

de broer

Meervoud: de broers
Engelsbrother

Dit woord krijgt “de”.

Voorbeeldzinnen

  • Ik heb een broer en een zus.I have a brother and a sister.
Oefen dit woord met een gameEen korte woordquiz met de 15 woorden over Mensen en familie.
Start een game