Naar de inhoud
de-woordzelfstandig naamwoordA2 · veelgebruikt

Wat betekent “huisarts”?

de huisarts

Meervoud: de huisartsenLettergrepen: huis·arts
Engelsgeneral practitioner (GP)

Dit woord krijgt “de”.

Voorbeeldzinnen

  • Ik heb een afspraak bij de huisarts.I have an appointment with the GP.
  • In Nederland ga je eerst naar de huisarts.In the Netherlands you go to the GP first.
  • Bel de huisarts tussen acht en tien uur.Call the GP between eight and ten o'clock.

Uitdrukkingen

  • je inschrijven bij een huisartsto register with a GP
  • de huisartsenpostthe out-of-hours GP service
Oefen dit woord met een gameEen korte woordquiz met de 15 woorden over Gezondheid.
Start een game
Wat betekent de huisarts? · kanaal